Intro:
| G - C | G - C | G - D |- D7 - G |
| G - C | G - C | G - D |- D7 - G |
GCDGCD7G
Het bed is ?s-nachts maar half beslapen, de helft van mijn boeken nam ze mee
GBB7EmCD7GC
De helft van mijn salaris is ruim voldoende, slapen doe ik nu voor twee
GCDGCD7G
De platen waren allemaal van mij, ik draai ze net zo hard ik kan
GBB7EmCD7G
De televisie mocht ze houden, alsof ik niet zonder kan
GCB7EmCDG
Wat een bestaan, wat een luizenleven, het kan niet stuk, wat een geluk
GCGCGDD7G
Rode wijn, rode wijn, kom laat ons vrolijk zijn
GCGCGDD7G
Rode wijn, rode wijn, kom laat ons vrolijk zijn
GCDGCD7G
Ik drink me elke avond een beroerte, en eten heb ik weken niet gedaan
GBB7EmCD7G
Ik pis weer net als vroeger in de wasbak, slapen doe ik met m?n kleren aan
GCB7EmCDG
Wat een bestaan, wat een luizenleven, het kan niet stuk, wat een geluk
GCGCGDD7G
Rode wijn, rode wijn, kom laat ons vrolijk zijn
GCGCGDD7G
Rode wijn, rode wijn, kom laat ons vrolijk zijn
Brug:
CB7EmCB7Em
Ik ben niet meer gewend aan stilte, en zeker niet zo lang
CB7EmCD
De vrijheid die ik terug wou hebben maakt me eigenlijk bang
GCDGCD7G
Toch is het niet dat ik haar mis, ?t is ongewoon, nog even
GBB7EmCD7GC
niemand, niemand heeft zich vergist, ?t is wennen aan mijn eigen leven
Solo :
| G - C | G - C | G - D |- D7 - G |
| G - C | G - C | G - D |- D7 - G |
GCDGCD7G
Een keuken vol met vuile glazen, het kan alleen maar beter gaan
GBB7EmCD7G
Wie heeft er meubels of gordijnen nodig, ik begin van voor af aan
GCB7EmCDG
Wat een bestaan, wat een luizenleven, het kan niet stuk, wat een geluk
GCGCGDD7G
Rode wijn, rode wijn, kom laat ons vrolijk zijn
GCGCGDD7G
Rode wijn, rode wijn, kom laat ons vrolijk zijn